Waar een blog al voor dient!
Mijn vriendin H. leest mijn blog. Dus is ze van heel veel zaken van mijn doen en laten op de hoogte.
Nu wist ze dus ook dat ik een paar ‘betere’ dagen heb. Of we ’s avonds iets gingen doen? Ja waarom niet, een terrasje, iets eten. Afspraak om zes uur.
Het duurde even eer ik wist wat aan te doen. En dan die tulband op mijn hoofd. Als de mensen maar even kijken stoort mij dat niet, maar je hebt ook van die oenen die je aanstaren met een blik vol afschuw, dan heb ik het toch even moeilijk. Ik besloot om mijn ogen wat op te maken en deed een paar lange oorbellen aan.
Op het stadsplein ging ik even kijken hoe het daar uitzag. Volle zon en dit bij dertig graden! Er waren slechts enkele kleine parasols, die een minimum aan schaduw verspreidden. En elk schaduwplekje was bezet.
Op mijn vraag aan de ober of er geen parasols meer waren, kreeg ik als antwoord: neen, sorry!
Toen viel mij in dat bij de laatste storm, hier de hele nest was gaan vliegen. Alle zonneschermen aan flarden.
Er waren nog wel wat alternatieven, maar mijn vaste stek was een beetje te ver voor mij, daar moest ik voorlopig nog niet aan denken. Dichterbij lag er wel een zaak met een open patio en een terrastuin. Daar was het heerlijk om te zitten.
Maar na een tijdje wist ik weer waarom we hier niet zo vaak kwamen. De prijzen swingden hier de pan uit. Mijn plan om een kleinigheid te eten viel ook in ‘t water; pannenkoekentijd was al een half uur om. Kleine snacks waren er niet.
Ik nam dan maar een portie canneloni, in de hoop dat het niet teveel zou zijn. Waarschijnlijk ben ik een van de weinigen die op restaurant gaan voor de gezelligheid en niet voor het eten.
Het was gezellig, H. was pas terug uit Thailand en had heel wat te vertellen.
Mijn eten viel minder goed mee, de plas olie onderin mijn bord deed mij walgen en het vele zout teisterde mijn smaakpapillen. Ik geraakte maar tot in de helft.
De ober irriteerde mij. Je neemt iemands glas toch niet weg vooraleer er opnieuw is besteld? Hij dus wel. Gedurig aan kwam hij langs om te kijken hoeveel drank we nog hadden. Dit is so not done! Het leek of ik mijn schoonmoeder bezig zag. Koffie leeg? Snel het kopje afwassen.
Gelukkig maakte het schaduwrijke terras veel goed, maar ik vrees dat ze ons hier toch een heel lange tijd niet meer gaan zien.
Het was een fijne avond. Woensdag is mijn derde chemo aan de beurt, maar dan kan ik wel zeggen: nu ben ik in de helft!
Café Zeezicht was te ver, vermoed ik?
Mij zouden ze daar (niet de Zeezicht, bedoel ik) ook niet gauw terug zien. De manieren, of het gebrek eraan…!
Mijn vaste stek heet ‘Fredensborg’. De volgende keer toch maar proberen om tot daar te geraken.
Misschien ben ik verkeerd, maar ik vind het onbeschoft om de lege glazen vóór je neus weg te plukken.
Dat wil dan doorgaan voor een ‘beter’ restaurant!
Dat zegt wel iets over het gebrek aan horeca-ervaring van die ober. Da’s nochtans de basis, meen ik te weten.
Soit, je hebt het daar gezellig gehad, de rest zou je als bijzaak moeten zien, toch?
Veel moed en sterkte met je 3de chemo morgen, lieve zeezicht.
Volgens mij krijgen ze die opdracht van de baas, want ze vragen onmiddellijk of je nog iets wilt drinken. En ik durf dan antwoorden dat ik nog even wacht.
Foei! Ik zou die gast op zijn vingers getikt hebben. Letterlijk dan.
Waarschijnlijk rekenen ze er op dat de meesten niet zonder drankje durven blijven zitten.
Volgend keer zal ik een lat meenemen.
oohnee, vreselijk ambetante ober zeg.
Gelukkig was het eten goed.
Ik wens je veel sterkte en beterschap toe na je derde chemo!
Jammer genoeg was het eten niet goed!
Enkel het terras was super…
deju ja, ik bedoelde terras!
Heb ik ook niet graag en ik zou ook niet meer terug gaan. Zelfs niet blijven zitten.
Gelukkig was het terras en het gezelschap wel goed.
Je zal woensdag in mijn gedachten zijn.
Die fameuze woensdag is al voorbij, maar toch bedankt!
Maar er komen nog drie van die woensdagen…
Nog erger is het als ze de halfvolle (allez, toch nog met een drinkbaar restje erin) glazen meepakken.
Ja ik weet. Als je nog een half glas water hebt staan, dat je later nog wilt uitdrinken, durven ze het ook meenemen.
Ik ben niet zo’n drinker en wil dat doen aan mijn tempo, niet omdat ik mij verplicht voel om bij te bestellen!