En toen… was er koffie!

Wie mij een beetje kent weet dat er bij boodschappen doen of een wandeling maken een terras hoort. Natuurlijk met de bijbehorende natjes en droogjes.

Er zijn zo van die plaatsen waar ik nooit kom om bepaalde redenen, te lang om op te noemen. Maar omdat er hier in ’t centrum keus genoeg is, geen probleem.

Waar ik de laatste tijd veel kwam, is er sinds de grote storm geen overdekt terras meer, het mooie afdak hangt in flarden. Daarom kan het gebeuren dat je in volle zon komt te zitten of in de regen als die besluit om te vallen. Nu zullen ze wachten op de verzekering, maar net voor de winter zal dat ook niet meer hersteld worden, denk ik.

En omdat ik een terrasdier ben, vind ik binnen iets nuttigen niet zo aantrekkelijk, dat kan ik thuis ook!

Dus ergens anders naartoe. Dat kan al eens verschillen, navenant het weer, of de zon of schaduw of wind…

Waar ik gisteren belandde, ga ik nooit binnen zitten, maar buiten was er plaats genoeg en niet te fel in de wind.

Terwijl mijn bestelde koffie in aantocht was, zocht ik naar gepast geld om dadelijk te betalen. Ik nam: een eurostuk, twee van twintig cent, een van tien en acht stukjes van vijf cent. (dit is belangrijk voor de rest van mijn verhaal)

De man zette mijn kop neer en ik legde het geld op tafel. Maar hij maakte geen aanstalten om het op te nemen. Hij begint mij daar een litanie: zijn koffie is héle goede en wat ik daar neerleg is geen geld, daar verdient hij niets aan en overal kost de koffie twee euro en dan komen ze bij hem profiteren.Hij gaat zijn drank opslaan naar twee en half euro.

Hij hoopt blijkbaar dat ik het kleingeld ging vervangen door… ja door wat? Vermits de koffie 1.90 kost, zal hij toch ook regelmatig tien cent moeten teruggeven? Of zeggen de meesten: laat maar?

Maar ik liet mij niet doen en antwoordde: als je geen kleingeld wilt, reclameer dan bij de regering, geld is geld.

En voegde daarbij: ik zal hier maar niet meer komen, waarop hij zegde: dat is ook de bedoeling!

Ik herinnerde mij plots een voorval met diezelfde vent dat hij lastig was omdat hij een briefje van twintig moest wisselen voor twee dranken. Nu wist ik weer waarom ik daar zo weinig kom!

De échte reden van zijn gedrag zal wel zijn dat aan de overkant twee koffieshops liggen die gouden zaken doen en veel personeel hebben. Maar dat is mijn probleem niet.

Na lang getreuzel nam hij het geld toch van de tafel, maar bleef mekkeren ook in zijn vreemde taal, waar je geen woord van verstaat.

Heel op mijn gemak heb ik mijn kop leeggedronken en toen ik wegging, smeet ik in een opwelling nog twee stukjes van vijf cent op de plateau. Had hij nog iets meer te tellen.

Later bedacht ik dat ik beter het geld teruggenomen had toen hij het eigenlijk niet wilde en de koffie laten staan, aan de overkant is ook drank!

Ik moet toch bekennen dat ik een beetje veel overdonderd was.

Maar enkele sympathisanten hebben al voorgesteld: willen we in groep gaan en allemaal betalen met de kleinste rode stukjes?

Mmmmm… zou misschien wel leuk zijn! 🙂

Advertenties

Kruid of kruit?

Voor bepaalde dingen ga ik naar het Kruidvat. Ik heb  steeds een lijstje liggen en wanneer een van mijn producten op of leeg is, wordt dat erbij geschreven. Omdat ik alle dagen buiten wil, is het ofwel wandelen of boodschappen doen.

Die dag werd het dus Kruidvatteren. Ah ja, ik had ook nog een cadeaubon, van mijn verjaardag een tijdje terug, kon ik die evengoed meenemen.In elke winkel zijn er wel situaties die mij storen, daar is het de onduidelijke reclame. Je zou moeten rondlopen met het krantje in je handen om koopjes te doen. Maar ik hoef nergens drie of meer stuks van en hou mij aan mijn lijstje.

Nadat ik allerhande dingen bijeen gezocht had, zet ik alles netjes op de band en geef als eerste mijn bon af. Er worden knopjes ingedrukt en opnieuw geprobeerd. Zegt het kassameisje: ‘mevrouw hoe oud is die bon?’

‘Ik kreeg hem geschonken op tweede paasdag’

‘de kassa neemt hem niet aan, hebt u het kasbonnetje nog?’

‘Juffrouw, wie krijgt er iets cadeau met het bonnetje erbij?’

Ze probeerde nog enkele malen; de kassa deed niets. (maar er was ook geen reactie op het kaartje, dat er niets op stond ofzo.

Ondertussen was de rij achter mij al flink aangegroeid (het was die dag nogal chaotisch in de winkel)

Ik wachtte en kreeg geen rood hoofd, want ik was zo onschuldig als een pasgeboren lammetje.

Nee, het werkte niet en ze vroeg of ik mijn waren gewoon kon betalen en misschien een andere keer eens terugkomen. Ik hoorde enkele klanten mompelen: zou ik niet doen, zou alles hier laten.

Maar enfin, dan had ik mijn haarlak en shampoo niet en betaalde dan toch maar, ik zou wel eens terugkomen als het wat rustiger was.

Buiten gekomen belde ik naar H. ; ‘hey, H. ik heb een heel vervelende vraag: heb jij het aankoopbewijs van die kaart nog?’

Ze wist het niet zeker, maar omdat ze net in de Carrefour was, ging ze eerst naar huis en zou ze eens kijken.

Oké, ik zou op haar wachten op het terras, met een koffietje, wat ik net kon gebruiken.

Een tijdje later, misschien zo’n vijftien minuten, zag ik haar aankomen: ze had de aankoopbon én de kassabon nog gevonden. Leuk! Dat verdiende een warme choco met slagroom.

Net voor sluitingstijd gingen we terug naar het Kruidvat, want ik wilde dit opgehelderd zien. Hetzelfde meisje was nog daar in een nu heel rustige winkel. Ze keek een beetje verwonderd omdat ik terug gekomen was (wat had ze dan verwacht, dat ik de kaart gestolen had?)

Ze probeerde aan de kassa te weten te komen hoeveel euro erop stond, maar dat ding hield zich nog steeds van de stomme. Hier klopte toch iets niet… je moet toch het tegoed kunnen zien.

Iemand anders werd er bij geroepen, maar die zei onmiddellijk: oh ja, dat werkt vandaag niet, er is iets met de computer, de herlaadkaarten gingen ook niet.

De verkoopster wist even niet waar kijken en zij kreeg dus wél een rood hoofd.

Ze heeft zeker tien keer ‘sorry’ gezegd. Ik zei enkel maar: ’t is goed, kon niet over mijn lippen krijgen: ’t is niet erg. Want al bij al vond ik het wel erg… de manier waarop ik daar te kijk had gestaan…

UPDATE: vandaag, dinsdag naar ’t Kruidvat geweest en de kassa werkte NORMAAL!

Twee zomers lang…

Dat dacht ik, toen ik van op de trein buiten het mistige landschap voorbij zag glijden. Het leek al een beetje herfst.

Voor mij had het leven twee zomers lang gewoon stilgestaan, terwijl het voor de meeste mensen gewoon doorging.

De eerste keer sinds lang dat ik nog eens naar zee ging. Alles moet daarvoor ook in één vakje samenvallen: het weer, of ik mij goed voel, of een vriendin vrij is.

Ik had M. gebeld om te vragen of ze al iets gepland had? Ja, ze ging met schoonzus en nichtje shoppen, maar een andere dag misschien?

Even later belde ze mij terug: ze had haar afspraak verzet, als ik mij goed voelde, wilde ze mee. (lief hé?)

Het werd een leuke dag, niet te warm, niet te koud, het zonnetje was ondertussen van de partij. Elk zuchtje wind kan mij ziek maken, mijn weerstand is nog steeds heel laag.

Waar andere mensen halfnaakt op een terras zitten, heb ik steeds een winddicht jak en een sjaaltje aan. En al is de zon warm, het lijkt wel of elk beetje trek mij vindt. En dan heb ik prijs!

Onlangs werd ik wakker met koude koorts, niet zomaar bibberen, maar echt schudden. Een uur aan een stuk. Toen ik mijn temperatuur opnam: 39 en half! Met twee Paracetamols kroop ik terug in bed. Dat zijn eenzame momenten, dan heb je behoefte aan iemand naast je bed, die even je hand vasthoudt…of je een warm drankje brengt…

Na enkele uren slaap, had ik nog 37.

Het is niet leuk, om steeds maar dat griepgevoel en vermoeidheid te voelen. Het komt ook door de chemopillen.

Ik las ergens over Kylie Minogue, die vijf jaar geleden ook borstkanker had. Ze was nu in haar vijfde jaar van pillenslikken. Heel vaak voelt ze zich rotslecht en had haar dokter al gesmeekt om te mogen stoppen. Maar dat mag niet!

Er was mij gezegd dat je van de bestralingen minder last hebt, maar mijn ribben en borstbeen doen toch nog steeds pijn.

Op youtube had ik een filmpje gevonden met fitnes-dance. Het leek me wel wat om een beetje aan mijn conditie te werken, dagelijks acht minuten. Na twee maal moest ik al stoppen, mijn linkerarm en eronder tot aan mijn middel: alles ontstoken. De kinesiste vertelde mij dat mijn arm niet mag zwaaien. En ik die wilde meedoen aan de zumba-lessen, welke deze week hier gestart zijn. Niet dus… weer een domper…

In oktober krijg ik een griepspuit en een tegen longontsteking, hopelijk valt dat een beetje mee…

Eigenlijk wilde ik een dikke week geleden al een stukje schrijven, maar het komt er maar niet van. Door de dag verschuif ik het naar ’s avonds… en dan ben ik te moe om zinnige ideeën neer te typen.

Dus zal hier maar heel sporadisch iets nieuws verschijnen. Maar ooit zal het wel eens beter gaan…

genk is weer een bruisende stad!

In die lange grauwe, koude winter zag alles er ook zo uit. Waar bleef de lente? Nergens was het echt gezellig…

Of lag het aan mij? Ik weet het eigenlijk niet… mijn inspiratie was een tijdje zoek… er malen zoveel dingen door mijn hoofd, maar niets om een logje over te schrijven.

Maar het begin van de zomer heeft precies alles weer doen herleven.

Plots veranderde er iets, een stad heeft zomer nodig, net zoals de mensen die er wonen of passeren.

Meer volk in de straten brengt kleur in die ruimte. Je loopt niet meer alleen rond.

Het begon met Genk on stage, wat veel mensen nog kennen als ‘Swinging Genk’ , eigenlijk toch ook niet mis.

Door het prachtige weer is er veel volk op afgekomen, er wordt gesproken van een record. Drie dagen volle bak muziek, eten en drinken. Ja, een beetje decadent misschien in deze tijden, maar de optredens zijn gratis. (alhoewel het niet zeker is dat het zo gaat blijven)

Nieuw was wel dat het jeugdpodium, J-Factor, verplaatst werd naar de festivalweide, hier tegenover. We wachtten af met gemengde gevoelens, want dit podium, dat vroeger aan de kerk geplaatst werd, zorgde ook voor het meeste lawaai. Gelukkig werd er net daarvoor een wet gesteld op het geluidsniveau. De organisators tekenden ook de overeenkomst, dat ze niet boven de 103 decibels zouden gaan.

Toen ze op vrijdag begonnen, leek het even fout te gaan… muziek was er niet te horen, wel bassen die het hele gebouw deden daveren…

Nee, dit ging ik niet uithouden, desnoods ging ik bij mijn zoon slapen.

Maar blijkbaar was het een test, en voor de rest viel het wel mee, maar er zijn altijd mensen die niets kunnen verdragen.(dat hoor je dan later)

En ja,  juli, zondagsmarkt, de grootste van Vlaanderen wordt hier gezegd. Daar ook een podium met optredens allerhande, en dat elke zondag van juli en augustus. Er stond ook een kleine kermis (met een frituur; een frietje uit de hand in een puntzakje, lèkkèr!)

De solden waren dan ook al begonnen, en door het mooie weer: overal terrassen! En in het keuren van terrassen ben ik héél goed! 🙂

Elke zomerdinsdagavond, zijn hier ook de Parkies-optredens, met bekende namen. Maar het viel mij op dat het gisteren precies wat vroeger gedaan was, de voetbal zeker?

De warmte maakt zo loom, maar ik kan ondertussen al veel langer wandelen. Mijn haar is teruggekomen in de vorm van een krullenbol. Mij goed dat er uiterlijk niets meer aan mij te zien is, ik hou niet van medelijdende blikken en word ook niet graag beklaagd.

De behandeling bij de kinesiste valt goed mee, behalve dat mijn brein soms door vermoeidheid niet zo op zijn best is.

Volgende week moet ik naar het ziekenhuis voor mijn grote ‘keuring’ , benieuwd hoe het staat met mijn K-dingetjes…

terrassen.

Waarom niet terrassen bij je thuis?

De vuurrode geraniums hebben net water gehad en de potroos vol bloemknoppen is bladluisvrij.

In de lucht schettert een zwerm zwaluwen in scheervlucht alle beschikbare muggen bijeen. Zij doen het werk zodat we in de nacht niet geteisterd zouden worden door in het donker zoemende bloeddorstige monsters.

De overbuurman geeft in zijn mooie tuin de sla en tomaten drinken. Overal waar ik kan kijken, zitten mensen buiten te genieten van de draaglijke avondwarmte.

In de verte klinkt de schrille sirene van een ziekenwagen. Terzelfder tijd scheurt een race-moto over de baan.

Nog niemand horen klagen over de warmte, maar wel zeuren dat het mooie weer niet lang zal duren!

Ze vergeten te genieten van die enkele mooie dagen die we wel gehad hebben.

De gitzwarte merel in de boom laat zijn hoogste lied horen om eventuele indringers af te schrikken. Maar even later huppelt hij genietend rond tussen de natte sla in de groententuin. Even een douchke pakken, moet hij gedacht hebben.

Ik hoor ook nog een suske-wiet van een late vink.

Vanuit het jeugdcentrum klinkt af en toe een flard muziek, heavy metal, maar ik heb er geen last van, het kan mijn goede bui niet storen.

Langzaam, heel langzaam, worden de witte condensstrepen van de vliegtuigen donkerder.

Rondom worden de parasols als bij afspraak dichtgedaan, ze hebben de hele dag ten dienste gestaan.

De straatlantaarns floepen aan, net zoals mijn lampjes op zonne-energie, het zachte schijnsel verhoogt meteen de sfeer.

De zwaluwen zijn stil naar hun nestjes getrokken. Enkel de merel trekt zich van het halfduister niets aan.

Er fladdert een eenzame vleermuis voorbij, in de hoop dat er nog genoeg vliegend eten over is.

Dat was zaterdagavond.

Soms kan het leven ook gewoon simpel zijn…